Fase 4: Profiel van de sporter

Trainen om persoonlijke doelstellingen te behalen.

Tiener

  • Beginnen eigen persoonlijke
  • doelen te begrijpen en
  • formuleren.
  • Kwaliteit en techniek verbeteren
  • bij hogere intensiteit.
  • Zelfreflectie wordt langzaam
  • mogelijk met begeleiding van
  • coach.
  • Doorzettingsvermogen groeit,
  • motivatie afhankelijk van plezier
  • en succeservaringen.
  • Leren omgaan met kleine
  • prestatiedrukken en uitdagingen.
  • Basisinzicht in tactische keuzes
  • en effect op prestaties.

Adolescent

  • Groter eigenaarschap over
  • training en doelstellingen.
  • Discipline en regelmaat
  • toepassen om meetbare
  • vooruitgang te boeken.
  • Zelfsturing in oefeningen en
  • planning: eigen inzet en keuzes
  • zichtbaar.
  • Mentale veerkracht ontwikkelen
  • bij tegenslagen en uitdagende
  • trainingssituaties.
  • Technische, fysieke en tactische
  • vaardigheden verdiepen.
  • Evaluatie van prestaties: leren
  • van fouten en successen.

(Jong)volwassenen

  • Volledig zelfstandig in plannen, trainen en evalueren.
  • Persoonlijke doelstellingen formuleren en systematisch nastreven.
  • Discipline en regelmaat volledig toepassen, ook bij hogere trainingsbelasting.
  • Mentale veerkracht en focus behouden in uitdagende trainings- en wedstrijdsituaties.
  • Techniek, fysiek en tactiek combineren voor meetbare persoonlijke vooruitgang.
  • Zelfredzaamheid en verantwoordelijkheid over welzijn, planning en voorbereiding volledig geïntegreerd.